Tijdens het uitzwaaiconcert in Oldebroek stonden twee mensen op de bok die het GFO decennialang mede hebben gemaakt tot wat het nu is: Willy van ’t Hul en Jeroen Koops. Beiden leggen hun bestuurstaken neer. Onder luid applaus van orkest en publiek werden zij bedankt — en hieronder doen we dat nog een keer, met alle woorden die daarbij horen.
Willy van ’t Hul — memorabel moment, memorabel mens

Achtendertig jaar GFO. Medeoprichter, organisator, lichtend voorbeeld, onvermoeibaar ambassadeur. Met het vertrek van Willy van ’t Hul uit het bestuur komt zonder overdrijven een tijdperk ten einde. Gelukkig alleen als bestuurslid: Willy blijft gewoon spelend lid van het orkest. Namens iedereen sprak Bart haar toe:
Wat jij voor het GFO hebt gedaan, de nimmer aflatende energie die je erin gestopt hebt en het inspirerende enthousiasme dat je daarbij tentoonspreidt, verdient diep respect. Het was namelijk lang niet altijd makkelijk en er moest altijd van alles gemanaged worden. Iets wat jou zonder meer is toevertrouwd, maar wat je ongetwijfeld ook weleens tot wanhoop gestemd zal hebben.
Desondanks weet ik zeker dat je met veel plezier, en enige weemoed misschien, zult terugkijken op de afgelopen decennia. Mooie concerten, geweldige dirigenten, WMC-deelnames, de mensen en sfeer in het orkest. Ik dank je, mede namens iedereen, recht uit het hart voor alles wat je betekent voor het GFO en voor de mensen in het GFO.
Bart
Videoboodschappen van dirigenten, een componist en twee trotse ouders
Als verrassing werd tijdens het concert een film vertoond met boodschappen van mensen die het GFO van heel dichtbij hebben meegemaakt: oud-dirigenten Tijmen Botma en Ivan Meylemans, componist Jan van der Roost, en — misschien wel het mooiste — Willy’s eigen ouders.
Haar ouders waren er vanaf de oprichting bij. Zij zagen van nabij de wilskracht en het doorzettingsvermogen die nodig waren om iets van de grond te krijgen: een plek maken waar mensen uit de hele regio samen muziek konden maken. “In het begin was het heel indrukwekkend hoe dat ging”, vertellen ze. En wat er nu staat — een orkest van topniveau, muzikaal én organisatorisch, dat zich meet met internationale orkesten en opnieuw deelneemt aan het WMC — maakt hen als ouders enorm trots. Ze hielpen zelf mee met vervoer en slagwerk, vanaf de zijlijn. Hun boodschap: blijf bestaan, houd het niveau vast, en zet door. Muziek is liefde en verbondenheid.
Tijmen Botma, jarenlang dirigent van het GFO, noemde Willy zijn tandem. “Zonder Willy van ’t Hul had het GFO niet meer bestaan”, zei hij. Wat hem vooral bijbleef: Willy zat altijd vol goede ideeën én kon andermans visie omzetten in daden. Ze hield de hele club bij elkaar, soms met harde bewoordingen, maar altijd uit een goed hart en altijd om het beste uit het orkest te halen. Samen initieerden ze het Jongsolistenproject — waaruit onder andere Deborah Witteveen en Jesse Kuipers voortkwamen. Daarna volgden de stappen buiten de gebaande paden: de samenwerking met Eric Vloeimans, de composities van Martin Fondse en de cd Fanfare Light, repertoirevernieuwing met Bernard van Beurden en Micha Hamel, en de onvergetelijke reis naar Valencia. En vooral: eindeloos veel uren aan de telefoon.
Ivan Meylemans blikte terug, met bewondering, waardering, respect en dankbaarheid. Niet alleen op Willy’s rol in het bariton- en euphoniumregister — “dat was ook fenomenaal” — maar vooral op haar rol achter de schermen. Dat het orkest na al die jaren en na alle dirigentenwisselingen nog altijd zo op niveau staat, zei hij, is te danken aan een ongelooflijke organisatie. En aan Willy. Hij bedankte haar bovendien voor de veel te lange telefoongesprekken: de rit van Achel naar Loenen aan de Vecht duurt anderhalf uur, en dat bleek telkens net te kort. Zijn wens: dat die gesprekken gewoon blijven bestaan.
Jan van der Roost, die eerder Knocking on Heaven’s Gate voor het GFO schreef en voor deze WMC-editie het speciale arrangement van Arioso Cantabile maakte, vertelde dat hij Willy nog nooit in levenden lijve heeft ontmoet — alle contact liep via telefoon, mail en streaming. Toch merkte hij aan alles hoe toegewijd ze is. Van een afscheid van de muziek zou volgens hem hoe dan ook nooit sprake kunnen zijn, en daarin krijgt hij gelijk: Willy blijft spelen. Zijn wens: blijf genieten van muziek, en wie weet zien we elkaar in Kerkrade.
Jeroen Koops — structuur, rust en ruimte om te vernieuwen

In het bijzijn van zijn gezin, zijn ouders en zijn schoonouders werd Jeroen Koops bedankt door alle leden van het GFO en door het publiek, voor zijn inzet sinds zijn aantreden in het bestuur in 2012.
Jeroen heeft binnen het bestuur veel taken verricht, maar financiën waren daarbij de rode draad. Hij nam talloze sponsoractiviteiten op zich en wist verschillende subsidies aan te boren, waardoor het GFO muzikaal vernieuwend kon blijven. Daarmee speelde hij een belangrijke rol in het realiseren van de doelstellingen van het orkest.
Met zijn talent voor structuur, planning en organiseren bracht Jeroen veel rust in de GFO-organisatie. Ook zorgde hij er mede voor dat tijdens corona de verbinding met de GFO’ers behouden bleef. En dat alles combineerde hij met een jong gezin en zijn baan bij de Regimentsfanfare — ook daarvoor sprak het GFO zijn dank uit.
Dank
Willy en Jeroen: bedankt. Voor de energie, de ideeën, de structuur, de eindeloze telefoongesprekken en de vanzelfsprekendheid waarmee jullie er waren. Het GFO is wat het is dankzij mensen zoals jullie. En Willy blijven we gewoon weer zien zitten waar ze thuishoort: in het orkest.



